Logo levensportretten

Amsterdam, juli 2012

Beste mensen,

“Zo’n Levensportret, dat is dus voor oudere mensen?” Die vraag krijg ik vaak. Wat verheugend dat een toehoorder tijdens een lezing onlangs spontaan zei: “Maar zo’n Levensportret, dat is waardevol voor mensen van alle leeftijden, van jong tot oud!” Helemaal mee eens, en het is bovendien proefondervindelijk wáár gebleken.

In de laatste nieuwsbrief vertelde ik u over de Levenskunst die ik bij elke geportretteerde ontdek, en wat voor inspirerende verhalen dat oplevert. Het zijn verhalen die de moeite waard zijn om te delen. Ik wil u graag zo’n verhaal kado doen. Ter inspiratie. Met dank aan Rien Willemen, gepensioneerd siersmid, die daar toestemming voor gaf. U vindt het verhaal onderaan deze e-mail.

Ik wens u veel leesplezier en veel goeds toe. Het lijkt me wijs om dit keer niets over de zomer te zeggen...

Met een hartelijke groet!

Annemiek

Ps Stuurt u deze e-mail gerust door als u denkt dat u daar iemand een plezier mee doet.


Het geheim van de smid

‘De liefde voor het smeden is begonnen toen ik nog een klein jongetje was. Als ik naar school liep, kwam ik langs een smederij. Vanuit de verte zag ik daarbinnen de vuren branden. Ik heb vaak staan kijken als de smid de hoeven van de paarden besloeg. De gloed van het vuur, de hitte, het kabaal, het vervormen, die ruige vent die daar dingen maakte, dat alles had een grote aantrekkingskracht op mij. Dat wil ik later ook doen, bedacht ik.’

We fietsen samen door het dorp waar Rien nu woont. Alleen al tijdens een klein fietstochtje wijst hij me om de haverklap voorwerpen aan die hij gemaakt heeft: een gedenkteken, een klokkentoren, een fontein, een sierlijk hekwerk. Overal in de omgeving heeft hij zijn sporen achtergelaten.

‘Als ik mijn leven over zou doen, denk ik niet dat ik het anders zou doen. Mijn drijfveer was en is nog altijd: wat zal ik nu weer eens maken? Ik vind het leuk om iets te maken dat er nog niet is. Of er een leven na de dood is, dat weet ik niet. De dingen die ik gemaakt heb, die zullen mij overleven.’

Ik zie een goedlachse man, hartelijk, spraakzaam, genietend van het leven. Een man die veel heeft gezaaid en veel heeft geoogst. Hij is een befaamd ambachtsman in de siersmederij. Toch heeft ook zijn leven tegenslag gekend. Hoe gaat hij om met tegenslag? ‘Over het algemeen maak ik me niet druk. Je druk maken, dat haalt niets uit. Die instelling heb ik altijd gehad. Aan wakker liggen doe ik ook nooit. Wakker liggen heeft geen zin, dat heb ik al geweten vanaf dat ik jong was. “Morgen is er weer een dag, dan zie ik wel verder,” zeg ik altijd.’

Het lijkt wel alsof Rien elke beproeving in zijn leven, klein of groot, gewoon weet te accepteren. Om vervolgens zonder dralen de draad van het leven weer op te pakken. Maar hoe doet hij dat? Wat is zijn geheim? Daar moet hij een tijd over nadenken. En dan vertelt hij me hoe het voor hem werkt. De man die ijzer naar zijn hand kon zetten, die meester was over het materiaal waarmee hij werkte, vertelt hoe datzelfde materiaal ook zijn leermeester was:

‘Als iets gebeurt, dan gebeurt het. Als iets niet gaat, dan gaat het niet. Dat is ook met dingen maken. Heel simpel. Met smeden had ik wel eens dat ik iets wilde maken en precies wist hoe ik het wilde gaan doen. Dan begon ik aan de klus en was ik aardig op weg. Maar dan plotseling lukte het niet om verder te komen. Het werk liep vast. Als zoiets gebeurt, dan moet je goed kijken. Ligt het aan je inzet? Of heb je een stuk ijzer te pakken dat zich niet jouw wil laat opleggen? Is dat laatste het geval, dan is de kunst om je er bij neer te leggen, om los te laten, letterlijk. Als ik zag dat het aan het stuk ijzer lag, dan dwong ik mezelf om te stoppen. Het stuk ijzer legde ik dan terzijde. Dan ruimde ik wat op, en wachtte een poosje. Daarna zocht ik een nieuw stuk ijzer. En dan begon ik van voren af aan.’